Monsanto, spin in het web van de vrijhandelsakkoorden

Monsanto is een multinational met hoofdzetel in St. Louis, de Verenigde Staten en gespecialiseerd in plantenbiotechnologie. Het bedrijf werd in 1901 gesticht door John Francis Queeny. Oorspronkelijk fabriceerde het bedrijf chemische producten, waaronder PCB en Agent Orange, dat massaal door het Amerikaanse leger werd gebruikt in de oorlog met Vietnam. In 2000 werd het bedrijf overgenomen door Pharmacia. Monsanto maakt dus deel uit van een grote farmaceutische groep. Monsanto bezit het patent, dat ondertussen verlopen is, op glyfosaat, een totale onkruidverdelger die ze commercialiseert onder de naam Roundup (de helft van de omzet van Monsanto komt voort uit de verkoop van dit schadelijk product). Verder is Monsanto een van de belangrijkste producenten van genetisch gemodificeerde zaden. De multinational bezit momenteel 90% van de patenten op GGO’s. Het bedrijf is de wereld nummer 1 op de zadenmarkt onder meer dankzij de talrijke overnames van andere bedrijven.

Het bedrijf was en is nog steeds verwikkeld in gerechtelijke onderzoeken en procedures in verband met de chemische of genetische gemanipuleerde producten die ze op de markt brengt en haar lobby methodes. Monsanto wordt ervan beschuldigd producten die schadelijk zijn voor de gezondheid en het ecosysteem te promoten en resultaten van wetenschappelijk onderzoek te vervalsen. Deze beschuldigingen komen onder andere van een voormalig filiaal-directeur van het bedrijf. Het is kortom een grote multinational die er alles voor over heeft om winst te maken. Hieronder een bloemlezing hoe ze dit aanpakken via vrijhandelsakkoorden.

DEMOCRATIE EN TRANSPARANTIE

Monsanto is een gigantische en machtige lobbyindustrieel waarmee de Westerse staten nauw samenwerken. Deze lobby heeft een direct contact met Europese autoriteiten, zoals bijvoorbeeld de European Food Safety Agency (EFSA). Deze organisatie, die als doel heeft de voedselveiligheid binnen Europa te beschermen en garanderen, bestaat voor 60% uit experten die een band hebben met de industriële wereld. De evaluatie van de risicostandaarden voor GGO’s werden ontwikkeld door een experten panel dat verbonden is met het ‘Life Sciences Institute’ (ILSI), een lobby voor biotechnologie met zetels in Brussel en Washington(1). De zaak van Diana Banati, onthuld in 2010 door de ploeg van José Bové, is het perfecte voorbeeld daarvan. Er werd aangetoond dat ze naast voorzitster van de Raad van Bestuur van EFSA ook lid was van de Raad van Directeurs van ILSI. Dit toont de hoge mate van infiltratie van de industrie binnen dit Europees orgaan aan(2).

Europa is zelf voorstander van de hulp van deze industriële lobby’s zoals de hulp van de groep ‘European Crop Protection Association’ (waarin zich BASF, Monstanto, Syngenta en Bayer Crop Science bevinden). In het kader van het TTIP (Transatlantic Trade and Investment Partnership) heeft de ‘Corporate Europe Observatory’ de zeer hechte banden tussen de pesticide lobby en de Europese Commissie voor Handel (DG TRADE) aangeklaagd door de inhoud van een mail te publiceren die afkomstig was van DG TRADE en bestemd voor de groep ‘European Crop Protection Association’. DG TRADE schrijft: “een substantiële bijdrage van jullie kant, idealiter gesponsord door jullie partner in de Verenigde Staten, zou van vitaal belang zijn om te beginnen met het onderzoeken van mogelijkheden voor een hechtere samenwerking en een grotere verenigbaarheid”.

Een zeer belangrijk punt dat hierbij aansluit is het gebrek aan transparantie over de concrete inhoud van die verdragen. De bevolking wordt niet geraadpleegd voordat een verdrag ondertekend wordt. Er is dus een gebrek aan respect voor de democratie door het gebrek aan transparantie bij de beslissingen en het gebrek aan raadpleging van het middenveld. Nemen we als voorbeeld het feit dat op 27 november 2012 het vrijhandelsakkoord tussen Europa, Colombia en Peru goedgekeurd werd door de Commissie voor internationale handel van het Europese Parlement. Hierbij hebben ze het negatieve advies van 160 organisaties en vele burgers naast zich neergelegd. Dit totale gebrek aan democratie weerspiegelt zich ook in het TTIP-verdrag waarop Europa zich voorbereidt om het te ondertekenen. Het is tijd om deze aanpak af te wijzen zodat we niet meer gecommandeerd worden door multinationals. Zo kan het welzijn van iedereen weer de bovenhand nemen van de winst voor enkelen.

Uit al het bovenstaande blijkt dat de objectieven voor de vrijhandelsakkoorden eerder het stimuleren en bevorderen van grote multinationals zoals Monsanto is, en dit ten nadele van kleine producenten, het milieu, de burgers en de gezondheid.

MULTINATIONALS ZOALS MONSANTO PROFITEREN

Sinds 2007 is er een vrijhandelsakkoord tussen de EU, Colombia en Peru getekend, maar het akkoord moet nog geratificeerd worden. Dit soort van akkoord tracht de internationale handel te bevorderen (export en import) maar heeft veel nadelige gevolgen voor de bevolking.

Het TLC heeft enorm negatieve gevolgen op de publieke beslissingsruimte. Dit soort van akkoorden versterkt de macht van multinationals ten koste van die van de bevolking. Inderdaad, momenteel is er al een vrijhandelsakkoord tussen Colombia en de Verenigde Staten. Dit akkoord heeft geleid tot een wetswijziging in Colombia? die goedgekeurd werd door de politici, omdat de clausules van de akkoorden primeren op de nationale grondwet. Deze wijziging is enkel in het voordeel van multinationals zoals McDonalds, Cargill, Monsanto, … In het vrijhandelsakkoord tussen Colombia en de Verenigde Staten dat sinds kort van kracht is, staat een clausule die de landbouwers verplicht om ‘gecertificeerde zaden’ te gebruiken, met andere woorden geproduceerd door ‘kwekers’ zoals Monsanto. Het resultaat is rampzalig voor de kleine Colombiaanse producenten. Er werd in het land 77.000 kg rijst vernietigd op vraag van Monsanto wat een enorm inkomstenverlies is voor de landbouwers.

Een ander frappant voorbeeld op wetgevend vlak is de toevoeging van ‘Investor-State-Dispute Mechanisms’ clausule (zowel in het vrijhandelsakkoord met Colombia en Peru, als in het TTIP-akkoord en in de meeste andere vrijhandelsakkoorden). Deze clausule geeft buitenlandse bedrijven het recht om een staat aan te klagen als ze van oordeel zijn dat ze toekomstige winsten verloren hebben door deze staat. Dit is al meermaals toegepast, onder andere in El Salvador, waar gemeenschappen erin geslaagd waren de regering ervan te overtuigen om geen vergunning te geven voor de bouw van een goudmijn. Het Canadees mijnbedrijf heeft de staat aangeklaagd en een schadevergoeding van 315 miljoen dollar geëist voor het verlies van geanticipeerde toekomstige winsten. Ook hierdoor wordt de publieke beslissingsruimte verder verengd.

Verdragen zoals deze geven juridische en economische voordelen aan grote multinationals zoals Monsanto om hun gesubsidieerde en vaak schadelijke producten op te dringen. De verdragen worden doorgaans getekend onder druk van de lobby wereld en de industrie.

Handelsakkoorden zijn het ideale middel geworden voor regeringen die nauw samenwerken met lobby’s van grote bedrijven om nieuwe regels door te voeren. Deze regels dienen om het recht van de landbouwers om zichzelf van zaden te voorzien te beperken. In het geval van Monsanto is het doel om ervoor te zorgen dat bedrijven die geld pompen in het selecteren van planten en genetische modificatie, kunnen controleren wat er met hun zaden gebeurt. Dit doen ze door de landbouwers te verhinderen hun zaden te hergebruiken. Deze methode lijkt sterk op die van Hollywood en Microsoft om te proberen verhinderen dat mensen films of software kopiëren of delen door juridische of technologische sloten aan hun producten te koppelen(3). Dit zie je ook in het TTIP-verdrag tussen de EU en de Verenigde Staten.

Vrijhandelsakkoorden bedreigen de werkgelegenheid. Vrijhandelsakkoorden bevorderen de export en import van producten. Producten afkomstig van de EU zijn gesubsidieerd en dus goedkoper. Colombiaanse en Peruviaanse landbouwers die keer op keer nieuwe zaden moeten kopen (omdat Monsanto het hergebruik van zaden verbiedt) zullen hier een financiële kater aan overhouden en hun productie moeten stopzetten. Dit is dan weer ten voordele van de multinationals. Europa zal dankzij dit verdrag bijvoorbeeld veel melkproducten naar Colombia exporteren. Maar dankzij de subsidies die ze ontvangen kunnen grote Europese melkproducenten hun waar veel goedkoper op de markt brengen dan de Colombiaanse producenten én met een grotere opbrengst. Europa produceert op deze wijze in twee weken wat Colombia in een jaar produceert. Bijna 380.000 Colombiaanse landbouwers riskeren zo hun inkomsten te verliezen(4).

Het vrijhandelsakkoord zal milieuschade veroorzaken. Door de import van Europese producten te bevoordelen tegenover goedkopere Colombiaanse of Peruviaanse producten en door export te bevorderen creëren deze verdragen monoculturen en nog meer uitbuiting van natuurlijke hulpbronnen. Monoculturen van soja, rijst, … waarvan de zaden van Monsanto zijn (of andere grote zadenmultinationals) worden opgelegd ten koste van goede Colombiaanse of Peruviaanse producten. Argentinië, een land waar de monocultuur van soja (grotendeels genetisch gemodificeerd) zeer belangrijk is, geeft goed de gevolgen op het milieu weer. Het massaal gebruik van pesticiden heeft de grond verarmd en de ontbossing blijft maar doorgaan. Tussen 2010 en 2012 werd er voor de soja-teelt meer dan een miljoen hectaren bos gekapt van de bossen ‘Las Yungas’ en ‘Gran Chaco’ die het tweede grootste bosgebied van Latijns-Amerika vormen. Deze impact op de biodiversiteit heeft bovendien een directe invloed op de bevolking. In dit geval gingen de zes jaren die volgden op de introductie van genetisch gemodificeerde soja in Argentinië (1996) gepaard met een verhoging van het aantal Argentijnen die te kampen hadden met een gebrek aan de meest elementaire basisvoedingsstoffen. Het zou gaan over 8.7 miljoen mensen(5).

De verdragen hebben ook een meer dan rampzalig gevolg voor de gezondheid. Eerst en vooral door meer macht toe te kennen aan multinationals zoals Monsanto waardoor zij nog meer producten kunnen verkopen die de gezondheid schaden. In het geval van Monsanto bevatten vele producten PCB’s, groeihormonen, dioxine, … die schadelijk zijn voor de gezondheid. Volgens het Carrasco rapport is het wetenschappelijk aangetoond dat het glyfosaat dat zich in Round Up bevindt, de best verkochte pesticide van Monsanto, foetus-misvormingen veroorzaakt, zelfs bij kleine doses(6). Bovendien zegt de Atlas voor milieurisico’s bij kinderen dat ongeveer drie miljoen kinderen in Argentinië in een milieurisico-situatie leven door agrochemische producten zoals Round Up. Dit is slechts een voorbeeld. Er bestaan nog veel andere controverses rond de gevolgen van producten van Monsanto.

Dit soort van akkoorden vormen ook een gevaar voor de vrijheid en de mensenrechten. Ze bevorderen de huidige sociale ongelijkheid en onderdrukken sterk de rechten van landbouwers en de meest kansarmen. We zien dit in het vrijhandelsakkoord dat van kracht is tussen de Verenigde Staten en Colombia. Om het gebruik van Monsanto-zaden te garanderen heeft het Colombiaans Instituut voor Voedingsmiddelen resolutie 970 gepubliceerd. Hierin wordt ermee gedreigd elke landbouwer te beboeten en te vervolgen als hij doet wat hij altijd heeft gedaan: een deel van zijn oogst bijhouden om zijn velden te bezaaien. De winst van multinationals wordt bevoordeeld ten koste van de vrijheid van handelen en het telen van traditionele zaden(7). Het vrijhandelsverdrag zal de onderdrukking van diegene die niet akkoord zijn en zich tegen deze verdragen verzetten, vergroten.De vrijheid van meningsuiting wordt dus totaal de mond gesnoerd.

WINNEN IS MOGELIJK !

Het is belangrijk te onthouden dat het mogelijk is ons te mobiliseren tegen deze vrijhandelsakkoorden en dus ook te winnen. In 2000 startte de cyclus gekend als de Doha-conferentie. OP deze conferentie zou de internationale handel verder geliberaliseerd worden waardoor de winsten van de multinationals nog maar eens zouden toenemen ten koste van de bevolking in het Zuiden. Dankzij de wereldwijde mobilisatie van organisaties en burgers liep de conferentie in 2006 op de klippen. Maar ook op een kleinere schaal zijn overwinningen mogelijk. In 2012 bijvoorbeeld diende een landbouwer in Frankrijk klacht in tegen Monsanto voor vergiftiging door een pesticide (Lasso) en heeft hij gewonnen. Momenteel is het gebruik van de pesticide Lasso verboden in Frankrijk, maar ook in België, Canada en Engeland. Laten we ons verenigen, samen kunnen we nog meer positieve resultaten behalen.

1 – Het rapport dat Earth Open Source publiceerde op 8 april 2011 beschrijft dat meerdere leden van EFSA professionele, directe banden zouden hebben met agro-industriële bedrijven, zaadfabrikanten en pesticideproducenten. Earth Open Source. 2011. Europe’s pesticide and food safety regulators – Who do they work for ? April. Download van:http://www.powerbase.info/index.php/File:Eu_pesticidefoodsafety.pdf
2 – http://www.combat-monsanto.org/spip.php?article859#nb1, geconsulteerd op 26 november 2014
3 – http://www.grain.org/fr/article/entries/5082-les-accords-commerciaux-criminalisent-les-semences-de-ferme#sdfootnote1sym, geconsulteerd op 26 november 2014
4 – http://www.intal.be/fr/campagne/Non-TLC-EU-Colombia-Peru, geconsulteerd op 26 november 2014
5 – WWF.. The growth of soy : Impacts and solutions. WWF International, Gland, Suisse, januari 2014
6 – http://www.lemonde.fr/planete/article/2011/08/08/nouvelles-charges-contre-le-roundup-de-monsanto_1557288_3244.html en het Rapport van de EO, “Roundup et malformations congénitales: est-ce que le public est tenu dans l’ignorance?”, Juin 2011.
7 – Voor meer informatie bekijk de documentaire ‘9.70’ van Victoria Solano
8 – GRAIN is een kleine NGO die de strijd van kleine landbouwers en sociale bewegingen ondersteunt

 

Deze tekst van Anneclo was eerst gepubliceerd op Intal

Written By

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *